Natuurmonument De Beer

De vogels van De Beer

 

Grote stern
Lachstern
Morinelplevier
Visdief
Dwergstern
Kemphaan
Bontbekplevier

 

De Beer voor 1900

Van de periode voor 1900 is namelijk nauwelijks iets bekend over de vogels op De Beer. Het weinige dat we over deze vroege periode weten, is te danken aan de ornitholoog Brouwer. Hij verwijst in een artikel uit 1946 naar Van Bemmelen die in zijn publicatie uit 1856 onder de titel 'De Vogels aan het strand der Noordzee' melding maakte van zijn bezoek aan De Beer. De Beer was toen nog niet gescheiden van het vasteland door de Nieuwe Waterweg. Brouwer meldt: 'Over de groote, bijna vierkanite strandvlakte aan den Hoek van Holland laat hij zich gelukkig lets posltiever uit, wanneer hij schrijft, dat hij het Vischdiefje aldaar "in groote menigte" en de Dwergstern "in klein aantal" broedende heeft waargenomen'.

In een artikel uit 1953 verwijst Brouwer naar het boek Het Jacht-Bedryf dat wordt toegeschreven aan Cornelis Jacobz van Heenvliet: 'Dat de sternkolonies van "de Beer" (Hoek van Holland) al bestonden, zou men kunnen maken uit een mededeling op folio 158v (p. 76), waar sprake is van een 'seeckere soorte (van meeuw) die men Hicstaert noemt, die hier te Lande nu en dan voeden, en een schraveltjen aen strandt tegens de duijnen aen in 't caele sant neer maecken en haer eijeren in leggen,…. Aen den Hil buijten op de Gars van Terheijde nae de Maes vint men veel van die eijeren, die daer veel werden gehaelt ende gegeten.'

Vanaf 1900

Na 1900 werd uit bezoeken en de daarop gebaseerde artikelen in natuurtijdschriften duidelijk dat De Beer een bijzonder vogelrijk gebied was. Met de kennis van nu kunnen we dat vooral toeschrijven aan het open en dynamische karakter van het natuurgebied. Het was een biotoop die met name voor kustbroedvogels als sterns en meeuwen bijzonder geschikt was. Maar ook de Strandplevier, de Bontbekplevier, de Kluut en de Kemphaan vonden er een geschikt broedterrein.

Het was met het boek Het Vogeleiland (1930), dat het bijzondere karakter van De Beer als vogelgebied werd bevestigd. Vanaf toen verschenen steeds meer artikelen waaruit eveneens duidelijk werd dat De Beer een wel heel bijzonder gebied was.

 

Logo

Laatste wijziging

15 oktober 2018

Terzijde

 

Grote stern

Grote sterns op De Beer.

Foto Karel Schot, medio jaren vijftig.

 

Opzichter Bouma maakte voor het jaarverslag over de vogelstand in 1939 een prachtige kaart van de broedkolonies van de Grote Stern, de Visdief, de Dwergstern en de Kluut op het Groene Strand van De Beer. Er staat bijvoorbeeld een verbazingwekkend aantal van 17.000 broedparen van de Visdief in vier kolonies op aangegeven.

 

Broedkolonies Dwergsterns 1939

—  Download deze kaart in een hogere resolutie [jpg, 1850 x 3000 px, 1.6 MB]