Leven met MPN

8. Los van de werkelijkheid

De specialist bij wie ik onder behandeling ben, zetelt in het St. Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein [zie noot 1 onderaan]. Met enige regelmaat moet ik in dit ziekenhuis zijn. Wie met de auto gaat, zal al licht in verwarring raken. De bewegwijzerde route leidt naar een gigantische parkeergarage die in een stad niet zo misstaan. Het ziekenhuis blijkt het parkeren te hebben uitbesteed aan een commercieel parkeergaragebedrijf. Vroeger was er bij het ziekenhuis een grote gratis parkeerplaats; nu mag de ziekenhuisbezoeker een commercieel tarief betalen.

De bezoeker gaat vervolgens op weg naar het ziekenhuis. De route loopt via een soort winkelstraat die in menig binnenstadje niet zo misstaan. Een kledingzaak, een kapper en een eetgelegenheid bieden zich hier aan. Aan het eind is een zaak met leeswaren, versnaperingen en bloemen. Ja, dit is de plek waar vroeger een soort stalletje was, waar de verlate bezoeker hopelijk nog een bloemetje kon kopen voor de te bezoeken zieke. Het is duidelijk: hier is van alles gedaan om de bezoeker een vriendelijk welkom te heten. Zo te zien frequenteren ook patiënten deze allee: mensen met verbandsels of mobiele infusen, mensen in kamerjas en rolstoel. Dat men zich hier in ziekenhuis zou bevinden, wordt hier naar de achtergrond verdrongen. Dit gevoel wordt nog versterkt door menshoge borden in de allee. Op deze borden staan duidelijk medischachtige personen maar ze ogen vol overtuiging alsof ze ons iets goeds willen verkopen.

Wie dan uiteindelijk in de voorste delen van het ziekenhuis is beland, komt ook nog langs de apotheek. Het is fel verlichte en ruim opgezette nering die eerder de indruk van een parfumeriezaak dan van een apotheek wekt. Er is veel bediening die de clientèle efficiënt bedient. Hier wordt gezondheid verkocht. Een mooi optimisme straalt ons vanuit dit alles tegemoet: als klant zijn we hier in goede handen. Want als ik eerlijk ben, wekt dit alles de indruk dat ik een klant en geen patiënt ben. Ik vraag me af of het ziekenhuis zich wel realiseert dat ik, als ik klant zou zijn, dan ook rechten heb. Recht op genezing bijvoorbeeld? Maar zo werkt het ondanks deze façade natuurlijk niet. Ik ben geen klant en ik heb nergens recht op.

Zo het bovenstaande al enigszins een gevoel van los van de werkelijkheid geeft, het gaat eigenlijk om het bezoek aan de specialist. Overigens niet noodzakelijkerwijs 'mijn' specialsit maar de specialist in het algemeen. Al die keren dat ik een specialist heb bezocht, viel mij op dat ik niet zo zeer Ed Buijsman ben maar een geval. De specialist weet niets van mijn maatschappelijke positie, mijn werk, mijn sociale omgeving, helemaal niets. Nooit wordt er geïnformeerd naar de gevolgen van mijn ziekte voor mijn functioneren. Het schijnt allemaal niet van belang te zijn. Hoe werken de medicijnen uit, hoe ziet het bloedbeeld eruit, houd ik me aan de afspraken: dat is waar het om gaat. Zelfs lichamelijke klachten worden node aangehoord, maar liefst als niet relevant ter zijde geschoven. Dit alles versterkt in hoge mate het gevoel een nuttig object voor de toekomstige statistieken te zijn.

Een ander opvallend fenomeen is de standaardisatie. Blijkbaar werken de artsen volgens behandelprotocollen. Dat is een goede zaak omdat het uitgaat van de gedachte dat een protocol de stand van kennis vertegenwoordigt. Een keerzijde blijkt echter te zijn dat er niet gauw van kan worden afgeweken. Bij ziektebeeld A hoort protocol A en daar is alles mee gezegd. Zo overkwam het mij dat ik in het ziekenhuis door de neuroloog na mijn herseninfarct een cholesterolverlager kreeg voorgeschreven. 'Een risicofactor', zo kreeg ik uitgelegd. Weliswaar was mijn cholesterol niet onrustbarend hoog, maar na een herseninfarct schrijft het protocol voor dat alle risico's zo veel mogelijk moeten worden verlaagd. Na een week mocht ik het ziekenhuis verlaten. Wie hield nu in de gaten hoe met die cholestreolverlager zou gaan? Niemand dus, zo leerde mij de ervaring van de komende maanden. De huisarts ging er niet over en de specialist interne geneeskunde vond het ook wel goed.

Het gaat er blijkbaar om dat de medicijnen volgens het protocol worden voorgeschreven en genuttigd. Merkwaardig dat de mens als een geval wordt beschouwd en wordt behandeld als ware hij geheel los van de werkelijkheid. Blijkbaar is er dan ook een fundamenteel verschil in perspectief tussen patiènt en arts. Persoonlijk raak ik daarom weer geheel in de war als ik hoor over marktwerking in de zorg. Ik hoop dat iemand mij ooit eens kan uitleggen wat dat voor mij als patiènt, niet als klant, betekent.


Noot 1: Om onduidelijke redenen noemt dit ziekenhuis zich St. Antonius Ziekenhuis en niet Sint Antonius Ziekenhuis of Sint Antonius ziekenhuis. Oorspronkelijk was het (natuurlijk) een katholiek ziekenhuis dat was gevestigd in Utrecht (zie foto hieronder).

St Antonius ziekenhuis in Utrecht

[jan 2012]

MF-logo