Leven met MPN

4. Hé, Ed

Wie als werkend mens gedurende enige tijd ziek is, krijgt te maken met de bedrijfsarts. Zo is het mij ook vergaan. De eerste keer was telefonisch: een inventariserend gesprek, want een bedrijfsarts weet niets meer dan dat hem wordt verteld. Toegang tot de medische geschiedenis van de patiënt heeft de bedrijfsarts niet. Zo kon het dus gebeuren dat de bedrijfsarts voorstelde dat ik 'om te beginnen' misschien vijf ochtenden per week weer zou kunnen gaan werken. Ik sloeg van verbazing achterover; zoiets na een herseninfarct. Het is uiteindelijk allemaal goed gekomen en op 12 juli ben ik voor het eerst weer voor twee uur aan het werk gegaan. De bedoeling was dat mijn werkbelasting vooralsnog twee maal twee uur per week zou bedragen; op 'therapeutische basis' zoals dat heet.

Het was een verademing om weer op het werk te zijn, zo leek het althans. Wie, zoals ik, zes weken thuis heeft gezeten, constateert dat de wereld wel heel klein wordt. Weer onder de mensen is dat een hele belevenis. Helaas kende het ook een keerzijde. Iedereen die ik tegenkwam, zei: 'Hé Ed, hoe gaat het met je?' Het bleek dus dat ik iedereen steeds weer opnieuw moest uitleggen hoe erg het was geweest, hoeveel beter het nu weer met me ging, wat er nog te gebeuren stond, enzovoorts. Artsen hadden me al gewaarschuwd. Door de plaats van het infarct - de kleine hersenen - zou de informatieverwerking in mijn hoofd wel eens tegen kunnen vallen. Dat bleek nog zachtjes uitgedrukt. Het was dodelijk vermoeiend. [Ook in mensenmassa's, bijvoorbeeld in grote steden, treedt hetzelfde verschijnsel op door de vele, veelal onbewuste, indrukken]. De verwerkingscapaciteit schoot duidelijk te kort.

Wat de zaak er ook niet beter op maakt, is dat ik er volgens velen 'goed uitzie'. Dat wil ik graag geloven [afgezien van mijn haaruitval die lijkt te versnellen]. Maar mooi aan de buitenkant is niet ook mooi aan de binnenkant. En aan de binnenkant zit duidelijk de ravage. Een deskundige heeft mij eens uitgelegd dat door een infarct een stukje hersenweefsel afsterft. Herstel kan optreden doordat andere delen van de hersenen het werk overnemen, maar er moeten ook andere 'bedradingen' worden gelegd. En zo lang het nog werk in uitvoering is, zullen er problemen zijn.

Het is al met al een lastige en enigszins schizofrene toestand: het is leuk om de collega's te zien, het is fijn om weer wat nuttigs te kunnen doen, maar het gepraat, hoe goed bedoeld ook, blijkt erg belastend. Een goede oplossing heb ik er niet voor, behalve dan dat ik samenscholingen - hoe gezellig ze ook mogen zijn - vermijd. Ook mijn lijstje met mensen aan wie ik me even wil vertonen, wordt slechts langzaam minder. Veel kan ik er niet aan op een dag. Het lijkt van een afstand misschien onaardig, maar het is even niet anders. De deskundigen laten zich overigens niet duidelijk over de afloop uit. Meest worden vage uitdrukkingen als 'Het kan wel tot een jaar duren' en 'Ja, het is een bekend probleem' gebruikt.

[sep 2011]

MF-logo