Klein maar fijn: Marshal eilanden
De Marshal eilanden kennen, zoals al weer zo veel eilanden in de Stille Zuidzee, een grillige geschiedenis met een voorlopig bitter einde. De eerste Europeaan die de Marshal eilanden aandeed was de Spaanse ontdekkingsreiziger Alonso de Salazar. In 1788 kregen de eilanden bezoek van de Engelse kapitein John Marshall; waarna de eilanden zijn naam kregen. Van het eind van de 19de eeuw tot de Eerste Wereldoorlog maakten de Duitsers er de dienst uit. Vervolgens bezette Japan de eilanden. Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog volgde de bezetting door de Verenigde Staten.
De afgelegen ligging van de eilanden pakte hier helaas helemaal verkeerd uit. Onmiddellijk na de oorlog kozen de Verenigde Staten het gebied uit als een van de plaatsen voor het uitvoeren van testen met nucleaire wapens. Bikini and Enewetak atol, beter bekend als de Pacific Proving Grounds, zouden op deze wijze eeuwige 'roem' vergaren en verwoesting en radioactiviteit verkrijgen. Tussen 1946 en 1962 voerde de Verenigde Staten er 67 testen uit. Dit is slechts 18% van het aantal in deze periode uitgevoerde proeven, maar in kracht gemeten kwamen deze testen overeen met 80% van de vernietigingskracht. Berucht is het incident tijdens de Castel Bravo testserie. De eerste vervoerbare waterstofbom die tijdens deze testen tot ontploffing werd gebracht, had een kracht van 15 megaton; tweemaal zo veel als verwacht. Het gevolg was dat een groot gebied radioactief besmet raakte.
De Marshal eilanden zijn sinds 1986 zelfstandig. Over de gevolgen van de nucleaire tests wordt nog steeds met de Verenigde Staten onderhandeld, alhoewel sinds 1956 zeker 750 miljoen dollar als 'compensatie' aan de Marshal eilanden is betaald. Wie echter de aangrijpende documentaire Radio Bikini van John Stone heeft gezien, weet dat er generaties overheen moeten gaan voor dit leed is vergeten.
