De kaart die geen kaart is. Of toch wel?
We zijn natuurlijk in Nederland wel achteraan komen hobbelen met de ondergrondse. Het openingsjaar was in Rotterdam 1968 en in Amsterdam 1977. En om dan meteen door te gaan naar de opening van de allereerste ondergrondse ter wereld: dat was in 1863 in Londen. Maar het moet gezegd worden: met de kaarten zijn de ondergrondsen van Rotterdam en Amsterdam helemaal bij. Zo is de kaart van het metronetwerk van Amsterdam strak en overzichtelijk. Wie wel eens buiten de deur komt, weet dat Amsterdam de stijl van de kaart niet zelf heeft bedacht. Nee, die is gewoon overgenomen van een andere metrokaart: die van Londen.
Londen was in het midden van de 19de eeuw een wereldstad, de grootste zelfs. Dit had Londen te danken aan de industriële revolutie en zijn grote haven. In die tijd was Londen ook al een stad met vrijwel onoplosbare verkeersproblemen. Grote aantallen mensen kwamen dagelijks naar de stad. Ook in de stad zelf bewogen zich massale mensenstromen: havenarbeiders, fabrieksarbeiders. Het idee kwam op om in de stad een ondergronds spoorwegnet aan te leggen: een voor die tijd revolutionair idee.
Zo revolutionair dat de bedenker Charles Pearson veertien jaar nodig had om het benodigde geld bijeen te brengen. Jazeker, het was een private onderneming! Het idee was om de ondergrondse spoorweg aan te leggen met de openbouwputmethode. Simpel: een diepe gleuf graven in een straat, ervoor zorgen dat de huizen aan weerszijden van de straat niet instorten, de bak voor de trein aanleggen, de bak overspannen, en tot slot de geul weer dichtmaken en de straat herstellen. Zo simpel als het leek, zo moeilijk bleek het in de praktijk. Problemen met instabiele grond en daardoor verzakkingen, stukgemaakte rioleringen, het was een aaneenschakeling van problemen. Maar niet onoverkomelijk, want in 1863 ging de eerste stedelijke ondergrondse spoorweg ter wereld open: de Metropolitan Line was een feit. Een stoomlocomotief met daarachter open rijtuigen verzorgde het vervoer. Het was een begin van een indrukwekkende expansie van het ondergrondse netwerk.

Een gedeelte van de kaart van de Londense ondergrondse. Vrijwel elke geografische
duiding ontbreekt. Alleen de rivier Thames is, en dan ook nog gestileerd,
weergegeven. De ervaren reiziger let ook op de rondjes. Een rondje betekent
bij overstappen een of twee trappen en dan staan op het perron van de andere
lijn. Rondjes aan elkaar of rondjes met stokjes ertussen betekenen lange
afstand lopen. Ondergronds dat wel.
